Wij en zij

 

“Wij en zij moeten het samen uitzoeken”, je bent de naam van de zanger vergeten, het is zomer, maar de kachel staat aan, net als de radio. Ze hadden het jarenlang over een klimaatsverandering, maar wij zitten hier met regen in juli en niet meer dan dertien graden Celsius op de dertiende dag van de maand.

“Wij en zij moeten het samen uitzoeken”, klinkt er uit de liedjesradio, en je bedenkt je dat de moralisten je de strot uitkomen. Er valt altijd wel wat te zeiken, is het niet met een God, dan is het zonder God. Er valt altijd wel wat te twijfelen over het opperwezen en zijn onderdanen.

“Wij en zij moeten het samen uitzoeken” je neemt het maar uit gewoonte van een vreemde aan. Je groet de mensheid, zegt de dierenwereld goedendag. Je zingt weemoedig een liedje over een man zonder hart.

De telefoon rinkelt! Het is Alfons:

“Voldoende schoon wc-papier, geen doordringende urine geur,  maar beschaafde zeep en pas gewassen linnengoed. Alles ziet er onderhouden uit.
Een mooie plek om eens onbevangen een drol naar buiten te laten. Dit leven is in goede handen.
Ik laat de Heer over onze drollen waken, en was mijn handen in de onschuld van een droom.
Een reislustige droom, een droom die ergens naar toe gaat. Een droom met een einddoel en een bestemming, net zoals de drol, die ik nu in de pot laat glijden.”

 

Alfons ratelt onafgebroken door, je bent maar wat blij, dat hij zo gelukkig is tijdens zijn vakantie in het zonnige buitenland.

 

26

 

 

Boterham, de herkansing - Mobar

 
“ De broterham kost te duur” zei Alfons, alvorens zijn erudiete oudere vriend hem terecht wees met een plak oude kaas, op een sneetje Zweedse witte. En het kwam dikwijls voor dat hij zich expres versprak om zijn vriend scherp te houden, en toch wat schamel brood op de plank te krijgen. Hij had bij de kringloopwinkel een korte broek voor vier euro gescoord, zo’n moderne broek met sportieve luchtgatritsen kostte in een boetiekje wel het tienvoudige!

De getallen spookten door zijn goed onderhouden en dikwijls lenige geest. Voorlopig had hij weer iets om de innerlijke mens te verstevigen, want zelfs zijn volkse mond, had behalve verbale kwaliteiten af en toe iets voedzaams nodig.

Het verhaal over de oude kaas was wel wat langdradig. De kaas kwam niet van oude koeien, maar was door de kaasmakerij, in een aparte behandelkamer, min of meer gedwongen tot een veel langer rijpingsproces dan voor jongere kaas gebruikelijk was.

Het verhaal over het Zweedse witbrood, kon hij zich niet meer herinneren, zijn aandacht werd afgeleid door de heerlijke smaak van de kaas. Hij wilde wel over zijn allergie voor mosterd beginnen, maar hij kon niet op het woord “allergie” komen, en er zat geen mosterd op de kaas.

Hij vertelde toen maar een oud verhaal over de teelt van wilde rozen, alles wat in hem op kwam, het glas cola wat hij kreeg, het werk aan de sorteermachine, het zweet en de tranen.

“Iets is te duur, en kost te veel,”begon de oude baas op zelfgenoegzame toon.

Alfons verslikte zich bijna in de bruine korst van het witte brood. Het was dom van hem dat hij zich weer had vergist, en vervelend dat de oude baas zo door bleef zeuren.

Hij kreeg zin in zo’n dampende rookworst van de Hema, maar hij bedacht zich dat hij

veertien dagen eerder vegetariër was geworden, en zijn principes waren zijn enige bezit.

Dan maar iets anders proberen, waaruit kon blijken dat hij toch behoorlijk pienter was.

Er was even dat grenzeloze schetsende, dat praten door alle barrières, maar hij kon het niet volhouden, zijn eigen bluf werd hem plotseling teveel. Hij nam nog een slok van het lauwe vocht waarvan zijn tafelgenoot meende dat het thee was, en nam met een handgebaar afscheid van de slanke intellectuele man die hem door de nacht had geloodst.

 
 471

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Voorraadpot

 

 

Sappige vruchten

 

verstopt in de voorraadpot

 

lenteproviand.

 

 

 

 

 

Autobiografisch

 

Autobiografisch

Hersensprookjes - Teksten
Geschreven door Erik Knater   
maandag, 18 juli 2011 15:33

Verhalen / Fictie / Verdriet

Autobiografisch De oude hoofdstad aan de rivier De eerste dag van juni in het jaar 1988 Ik vind je verhaal erg chaotisch. Net als tijdens je monologen valt je steeds iets nieuws in wat je direct op het verhaal van toepassing wilt laten zijn. Daardoor ga je van de hak op de tak en weet ik niet of je er later nog op terugkomt. Als je dat niet doet, is het namelijk totaal overbodig al die uitweidingen en onnozele feitjes te vertellen. Wat gebeurde er die avond in de piramide, waar waren al die vriendinnen van Yvonne opeens gebleven, gingen die ook mee? Waarover sprak je met Yvonne, toen jullie nog wat wijn dronken, of werd er gezwegen, zoals wel vaker in jouw monologen. Waarom wil Erik Knater alles opschrijven wat er in zijn leven gebeurde? Waarom weet hij niet waar hij dan moet beginnen. Wat gebeurde er met die jongen op het paard bij het water? Waarom hadden Fernando en Erik weinig behoefte om met elkaar te praten? Probeer voor je schrijft enkele dingen te onderscheiden:
  • De plaats in het verhaal van de verteller.
  • De plaats in het verhaal van de hoofdpersoon.
  • De verhaallijn die je volgt, dus

wat gebeurt wanneer, waar, hoe

en waarom?

 

Anders is het voor de lezer

al snel een niet te volgen brei woorden

Overigens heeft dit verhaal wel zeer sterke autobiografische kenmerken, vooral naar de eerste anderhalve bladzijde

wordt duidelijk dat jij je eigen geschiedenis aan het vertellen bent. Doe je dat omdat je het moeilijk vind in de ikvorm je eigen verhaal te vertellen, of omdat je het moeilijk vind een

Erik Knater te verzinnen met diens eigen geschiedenis?

Ik hoop dat jij je wat van de kritiek aantrekt, dat je ze kan accepteren. Als dat niet zo is, laat me dan weten hoe het zit, okay?

 

Met hartelijke groet,

 

Erik Knater

 

 

 

 

© Copyright Henk van Dijk

 

 

 

 

 

 

Dagboek van een modewoord

 

“Depressie is een modewoord” zeg je tegen de verslavingbegeleidster die jou neerslachtig aankijkt en je streng vraagt naar jouw alcoholgebruik. Je beaamt de gezondheid van een dagelijks glas bier, maar zij vraagt naar meer, alcohol in een of andere vloeibare vorm, zoals in de koffie, of verstopt in een toetje.

“Ik lust geen toetjes” verkondig jij meewarig, terwijl zij zenuwslopend haar neus snuit met iets dat meer op een vaatdoek dan op een zakdoek lijkt.

Ze lijken alles tegenwoordig te moeten weten, alsof iedere verslaving regelmaat kent en van te voren is te overzien. Moe van alle indrukken probeer je haar tot redelijkheid te gebaren.

“Ik heb geen probleem met drank.” klinkt jouw stem toch behoorlijk overtuigend, en er zijn ook geen bewijzen dat het wel zo is.

“We moeten alles vragen!”haar plichtsbesef is groot.

“Depressie is een modewoord” zegt een stem in je hoofd, tijdens dit leven lijkt alles tijdelijk,

maar dat is helaas niet zo voor de stemmen die jouw brein teisteren. Juist op de momenten dat je zenuwachtig bent onderstrepen ze jouw falen, en dan is niets meer te camoufleren met een gezonde dosis zelfvertrouwen, waar je voorheen zo verslaafd aan was.

Het is geen dame om over toetjes mee te praten, ze komt zo van de universiteit in het diepe van de Jellinek om haar hals uit te steken, naar de zonderlingen van het verkeerde pad.

De achterstand naar de werkelijkheid is te groot, om zonder bruggen te overzien, en de stemmen vertellen slechts de halve waarheid, dat weet je, omdat grootmoeder er over had verteld, vlak voor haar sterven.

“Ik geef de plantjes wel koffie” zegt jouw stem in een poging de humor te introduceren, maar aan de kale muren van het gebouw hangen kale schilderijen die jouw kaalheid benadrukken, en haar borsten ook, al zijn die wat milder, door haar jeugdige leeftijd, dan die van jouw moeder die ze door kanker verloor.

“Ja, schizofrenie is ook een modewoord” antwoordt ze nu eindelijk volmondig, en het schiet in jouw verkeerde keelgat.

“Ik ben allergisch voor rauwe paprika, chocolade en producten waar mosterd in is verwerkt” maak je haar duidelijk, maar het is een antwoord, en daarvoor bestond er geen vraag.

Alles waar je behoefte aan hebt gehad is door de tijd opgegeten, zelfs het matras heeft een zinkende diepgang waar je niet op had gerekend, nu alles blijft drijven op de eenzaamheid van fantasie.

 

Dat de wereld in de gedachten van veel mensen vierkant was, kon jij vroeger al merken aan de uitlatingen van een anarchistische oom. Hij hield, en dat was uitzonderlijk voor anarchisten, een dagboek bij. Zo’n beetje alles wat in hem opkwam schreef hij op met een vrij handschrift, dat niet moeilijk was te lezen. Hij zocht eigenlijk overal vrijheid in, vrijheid als hij na het opstaan een eitje kookte, vrijheid wanneer hij een spandoek beschreef met “Ik ben niet goed wijs!”

vrijheid wanneer hij naar het winkelschap liep voor een nieuw merk vruchtensap, vrijheid wanneer hij zijn fiets verruilde voor een scooter, wanneer hij luisterde naar muziek uit oude tijden, wanneer hij vergaderde met andere anarchisten, wanneer hij religie op de korrel nam, en de koningin een andere jurk toewenste. Hij zocht vrijheid in alles.

 

Jij kreeg een enkele maal, de kans om zijn aantekeningen tijdens een logeerpartij te lezen, en dat was een vrijzinnige ervaring, sommige passages spookten jaren later nog door jouw hoofd.

Je las ook regelmatig op zijn anarchistische website : “We zijn niet goed wijs! “

Jij raakte een beetje in de war van de landelijke politiek. Een kwestie van moraal denk je achteraf, maar toen was je alleen verontwaardigd. En toen had hij weer een inzinking net zoals vroeger, hij maakte in een vlaag van onbeholpen woede, de minister van indicatie belachelijk door te roepen dat zij rijp was voor seks met Osama Bin Laden.
Jij kon dat van jouw kant niet over jouw kant laten gaan en het is toen helemaal uit de hand gelopen.
Nadat hij jou een verblijf op een bekend gevangenkamp voor onbekende gevangen had toegewenst heb je een punt onder het door het Internet veroorzaakte onderonsje gezet.


Toen hij tien jaar geleden zelfmoord pleegde voelde jij je schuldig omdat jij hem nooit had geloofd.

Er werd in de familie niet veel over gepraat, hij had zich opgehangen aan een boom zonder een bericht achter te laten.

Zijn dagboek werd nooit teruggevonden, je kreeg het gevoel dat je getuige was geweest van iets dat niet meer bestond.

 

 Oude versie

433

 

Genegenheid

Genegenheid


In alles
waarmee je dichtbij komt
voel ik heldere metaforen
voor een dichtersziel

tussen mijn ondoorzichtige muren
in de kelders van mijn wijnen
over velden van mijn dromen

door ieder onvoorstelbaar woord
waarmee je mij verwart
verwarmt
in dit node oord

waar herfst zijn winden waait
kom je binnen als zuurstof
voor mijn verwaaide geest

ik zal bij je blijven
misschien overbodig
zonder iets te zeggen

ik adem gezegende stilte.




 


 

© mobar. Dit werk blijft te allen tijde eigendom van de auteur. Zonder zijn/haar toestemming mag dit werk niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan lezen.






- mobar -


Reacties Gedichtenfreaks 31 Oktober 2013:

 

Weer een mooie creatie van jouw hand! Zo mooi, dat ik die gezegende stilte proeven kan.

zuurstof en stilte...essentieel voor leven
mooi Mobar

omdat alles al gezegd is

jij hebt een lieve warme dichtersziel, daarom lees ik graag, blijf zoals je bent Henk, in alle genegenheid schrijf ik je dit..want het raakt me toch wel

prachtig gedicht

 

 

 

Dromerige nacht

 

 

Die dromerige nacht
hield ik mijn werkelijkheid
dicht bij de lantaarn, mijn licht
een blonde zangeres, een gedicht
dat zij vloeiend vertolkte
tussen spelonken van liefdesdicht
wist niet meer over de liefde
dan tijdens avonturen, trillende sprieten
onwennige uren, getuigenis van zangkunst
in ontuchtige schuren, met burgers die gluren
ik kuste haar zandstrand met schuurpapier
polijstte de liefde, duurzamer, ieder uur
liep met haar mee over de loopplank
naar minder eenzame dromen
riep nog eenmaal

"Jeroen Splinterman"

"Jeugdliefde"

 

 

Mobar

 

© mobar. Dit werk blijft te allen tijde eigendom van de auteur. Zonder zijn/haar toestemming mag dit werk niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan lezen.

 

 

 

 

 

 

 

 

Het duister van jouw leegte

Brieven aan de droomwereld 242 en 243 en 244

Brieven aan de droomwereld 242

Reactievinkje uitgezet?
Ja, vind je het gek?
Ik wil de avond voor mijn verjaardag
gewoon een beetje rust.
Mijn mailbox stroomt vol met
mailtjes van mensen die beweren
al tien jaar intiem met mij te zijn geweest.
Terwijl ik nog altijd onwetend
ben over wat intimiteit werkelijk inhoudt.
Ik ben nog maagd weet je.
Ik heb mijn hele leven alleen maar
met mezelf gespeeld.
En moet ik al die mensen nu terug gaan mailen.
Ik heb ze niets meer te zeggen.
Ik ben niet verliefd op verliefde vrouwen.
Ik beleef geen vreugde aan treurige prinsen.
Ik beloof de rest van mijn leven aan witte paarden.
En ik schilder gedrochten ter opvulling van mijn
vrije tijd en enkele verlaten galeries hier in de stad
die aan mijn voeten ligt weg te kwijnen.
Ik heb geen relatie met God, maar hij heeft
een relatie met mij die er niet om liegt.
Ik meng wat hersenspinsels, jaloezie,
met bruine suiker en slagroom
en maak een avondontbijt met witte bonen
in een vieze rode saus.
......
Brieven aan de droomwereld 243
......
Het doet geen pijn meer dat ik er niet echt bij hoor.
Ik wilde dichter worden, geen sociaal
ge뮧ageerde idioot.
Maar ik vond mijn broeders en zusters
in de maatschappelijk verwaarloosde gekken,
want zij schreven heel wat beter dan
de gemiddelde onwetende po르.
Maar ik schoot ook te kort in het leggen van
die contacten, er bleef niets anders over
dan een dagelijkse eenzaamheid
die mij tenslotte noodlottig bleek.
Mijn geschriften worden niet langer gelezen.
Zelfs mijn dromen bestaan niet echt,
maar zijn door een eenzame gek verzonnen.
Ik ben morgen eigenlijk liever dood
dan jarig, maar ik wil er geen gedichten over
schrijven, want de leegte wordt mij dan te groot
en ik heb angsten en hoofdpijn over de leegte.
Ik begrijp niet waarom die dwazen mij alsmaar
mails blijven zenden. Vinden ze het leuk om
mij te stalken. Steeds maar weer beweren
dat ik alles verkeerd doe, en dat alles aan mezelf ligt.
Het doet geen pijn meer dat ik er niet bij hoor.
Er is geen bitterheid meer in mijn verdriet.
Ik ben mezelf in droomverloren
Ik ben de duisternacht gedaante in een spook.
Ik ga wel dood voordat ik jarig ben.
Ik hoef niet meer ouder te worden.
Ik heb het hier wel gehad.
Van mij geen traan meer over de liefde.
Wat is dat eigenlijk of is dat stalken.
Mij alsmaar kapot maken terwijl ik
alleen maar lief wil zijn.

.........
Brieven aan de droomwereld 244
.........
Ik laat het reactievinkje ook voortaan maar uit.
Het gaat niemand verder iets aan wat ik hier neer schrijf,
zolang ik in mijn zolderkamer verblijf,
ben ik Florian van Driesteveld, een trotse
heer des leven. Ik heb al wat schetsen gemaakt
en op mijn website gepleurd. Mijn vingers jeuken
om weer aan de slag te gaan. Ik heb gefaald
tegenover de droomprins, nu ja, maakt ook niet
meer uit. Ik hoef geen droomprins met superlange
tenen, die alleen maar op mij reageert als hij
weer iets te klagen heeft. Ik hoef ook geen verliefde
vrouw in de overgang, die alsmaar haar verleden op
mij projecteert, terwijl ik haar werkelijk nog nooit
met een vinger heb aangeraakt. En die anderen,
tja die anderen, daar heb ik wel bij op de deur geklopt
maar ze hebben die deur net zo hard
weer in mijn aanhankelijke smoel terug gesmeten.
Wat ik achteraf alleen maar als verstandig kan beamen.
Er rest maar 驮 weg, en dat is de eenzaamheid
te accepteren en zoveel mogelijk
te tolereren zoals een eenvoudige schilder uit de
vorige eeuw. Er zijn nog een aantal uren te gaan
voordat de tijd weer vaart krijgt
middels mijn verjaren, totdat beleef ik mijn tijd
in het verleppen
van mijn door God verdoemde ziel.
Mijn piemeldier laat ik even met rust,
maar ik bied stiekem tot de Heer
dat de herrijzenis snel plaatsvindt.

.....

Brieven aan de droomwereld 242 en 243 en 244

Datum: 05/07/07
Weergaven: 217

 

 

 

 

 

 

 

Komt zomaar langs

 

Mijn grote liefde mag ik niet
aanraken, komt zomaar langs
waar de zon een vrij spel speelt
met blije vogels en konijnen
op een uitgestrekt lachend grasveld

mijn grote liefde krijg ik niet
zo ver is het park, dichtbij
hier vandaan
in de lucht
waar muggen zoemen

mijn grote liefde is de blauwe lucht
die boven het grasland hangt
in momenten van herkenning
blijf ik bij haar
krijgt ze al mijn knuffels
en lieven we de liefde
als vers gemaaid gras

waar vattende wolken
tussen dromen dwalen
steeds dichter in mijn dagboek
slaapt
en droomt
en waant
zij zich
een wandeling voor ons geheugen
herinnering aan een verlegen zon
als souvenir
mijn blauwe lucht
mijn diepe zucht
haar liefdesvrucht

mijn grote liefde mag ik niet
aanraken, komt zomaar langs.

 

 

Mobar

 

 

 

 

 

De weg terug

De weg terug 16

Hersensprookjes - Teksten uitzoeken
Geschreven door Mobar Vorstkasteel   
zaterdag, 10 maart 2012 21:29

 

Ze geeft haar zelf niet meer de schuld
van de vervreemding, de ontheemde wereld
het is ook niet de fout van de mensen
of de vergissing van een aardse god

haar binnenwereld is anders, maar niet apart
niet isoleerbaar tussen al het rumoer
van de regering en de euro
en steeds minder geld voor boter

ze praat soms nog, met andere mensen
al ze haar woorden kunnen verstaan
fluisteren ze met gedempte stemmen:

het gaat niet om de economie
de toekomst ligt in het leven van nu
en iedere dag is jouw ziel een vertaling waard.

 

 

 

 

© Copyright Henk van Dijk

 

 

 

 

 

Rivier

Waarom nog één woord vuil maken
als schoonheid ligt besloten in zwijgen
maar zelfs zwijgen verdacht is in tijd

ik drink voorzichtig
van het zoete rivierwater
spoel het weg met slokjes bier

in een land, niet ver van hier
verlies ik in mijn heimwee
herinneringen aan een verleden

maar mijn droom blijft de rivier volgen
een bron van leven op weg naar nieuw begin
waar de kust is als jouw lippen, trillend in de zon.






 


© mobar. Dit werk blijft te allen tijde eigendom van de auteur. Zonder zijn/haar toestemming mag dit werk niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan lezen.

 

 

 

 

Horizonvriend

 

Je vraagt je af waarom

mannen zo vaak stoer doen

over seks en over vrouwen

 

je wilt liefhebben

met een opening

voor tederheid

 

innigheid weer voelen

als het moet tot in het gaatje

met het geschikte maatje

 

je wilt jouw liefde voeden

in jouw hart de zon zoenen

gevoeligheid aanraken

 

in een ander komen

in angsten en in dromen

je verkent de landerijen

in het landschap van de okerzucht

 

je gaat waarheid leren spreken

zonder te straffen of te preken

want je voelt het nu al weken

 

er ligt een horizon te smeken.

 


© mobar. Dit werk blijft te allen tijde eigendom van de auteur. Zonder zijn/haar toestemming mag dit werk niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan lezen.
 
 

Wolga vriend

Het gehaakte sprei van grootmoeder
zit onder de chocolademelkvlekken
wanneer je er naar kijkt denk je
aan mijn Hollandse ondeugd
groots in het bluffen
klein in het ontvangen

het begint met projecteren
je ziet in mij een nieuwe maagd
het leven bestaat slechts uit proberen
het is de moeder rivier
die stroomt door Rusland
terwijl ik droom over romantiek

en we drinken op de samenkomst
beleven onder ons de liefde
nu de rivier naar zee stroomt
en je mijn benen uit elkaar duwt
jouw hijgende adem boven mijn mond

het gebeurt nu slechts in brieven
de tranen van het leven smaken naar Wodka
alles komt in een fantasierijke stroomversnelling
ik heb je over mijn diepste geheimen verteld

er is geen afweergeschut
of raketinstallatie
alleen die heilige bloem
uit de bloembollenteelt

het melancholieke zaad van de macho
en de rillingen van mijn verlangend hart
maar jij bent geen macho
en ik geen verlangende vrouw

we zijn twee omarmende mannen
daar bij de Wolga aan de Amstel.



Amsterdam, zomer 2017.


© mobar. Dit werk blijft te allen tijde eigendom van de auteur. Zonder zijn/haar toestemming mag dit werk niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan lezen.
 
 
 
ik wens je veel liefde en geluk Mobar
 
 
Ga naar boven