Wij beiden leven -
louter en alleen leven –
ik en die klaproos.
Issa
Het wilgenblad viel,
opgedroogd is het water
overal stenen
Buson
Zomer op aarde!
hij zweeft boven de meren,
over de golven.
Bashò
Even bewegen
in ‘t eerste morgenbriesje
de rupsenharen.
Buson
Wadende vrouwen
planten rijst; alles besmeurd,
behalve - hun lied.
Raizan