De septembermaand van 2003

In een kleine kroeg in de Amsterdamse Baarsjes kwam Bjarne Violette tegen.
De dynamiek tussen de twee dichters was onmiddellijk weer te voelen in de typische sfeer van de kroeg. Als snel ging de discussie over de schrijver Hemingway.

De herfstregen kletterde tegen de ramen van de bruine kroeg in de Baarsjes. Bjarne nam een flinke slok van zijn bier, leunde achterover en keek Violette zelfverzekerd aan.
"Hemingway," zei Bjarne, terwijl hij een viltje dubbel vouwde. "Dat is pas echte literatuur. Die man begreep de hardcore actie. Mannen met geweren, stierengevechten in Spanje, vechten tegen de elementen. Geen slap gedoe."
Violette hield haar wijnglas halverwege haar lippen stil. Ze bekeek hem met een blik die het midden hield tussen amusement en lichte irritatie. Sinds hun studietijd was hij geen spat veranderd: een grote mond, maar literair gezien flinterdun.
"Mannen met geweren, Bjarne?" vroeg ze, haar stem zacht maar snijdend. "Heb je überhaupt ooit méér gelezen dan de achterkant van de Suske en Wiske?"
"Ik weet genoeg," hield Bjarne vol, hoewel hij zijn blik heel even liet wegzakken naar de houten lambrisering. "Hij schreef kort en krachtig. Gewoon knallen."
Violette zette haar glas neer met een resolute tik. "Hemingway gaat niet over 'knallen'. Hemingway gaat over trauma. Die zogenaamde hardcore actie van jou is pure uiting van posttraumatische stress na de Eerste Wereldoorlog. Zijn personages praten over vissen en drank omdat ze psychisch kapot zijn. Dat is zijn hele ijsbergtheorie: het trauma zit onder het wateroppervlak. Maar jij ziet blijkbaar alleen de golven."
Bjarne bleef even stil en zocht koortsachtig naar een tegenargument, maar de literaire munitie ontbrak hem volledig. Hij nam snel nog een slok bier om de stilte te vullen, terwijl Violette hem triomfantelijk bleef aankijken in het gedimde, vergeelde licht van de kroeg.
Violette wist waar ze over sprak.

Violette nam een slok van haar wijn en genoot zichtbaar van Bjarnes sprakeloosheid. Bjarne daarentegen trommelde met zijn vingers op het vochtige hout van de bar, zoekend naar een uitweg uit deze intellectuele valstrik. Hij was dom geweest, hij hield helemaal niet van wapens en geweren.
Hij was in wezen een pacifist, hij deed alleen maar stoer om indruk te maken in een poging Violette intellectueel te ontwapen. Maar Violette bleef scherp en ze ontmaskerde de onnozele Bjarne vakkundig door te wijzen op het voorval drie jaar eerder, toen ze elkaar ook tegenkwamen en Bjarne in paniek was omdat zijn fiets was gestolen.

"Herinner je je die herfst in 2000 nog?" vroeg Violette, terwijl ze met haar wijnglas richting hem wees. "Toen we buiten stonden bij die sociëteit aan de gracht? Meneer de hardcore Hemingway militair stond daar te trillen op zijn benen."
Bjarne voelde de warmte naar zijn wangen stijgen. Hij staakte direct zijn getrommel op de bar. "Dat was heel anders," mompelde hij, plotseling een stuk minder zelfverzekerd.
"Helemaal niet anders," lachte Violette, al zat er een scherp randje aan haar spot. "Je was volledig in paniek omdat iemand het slot van je krakkemikkige opoefiets had doorgeknipt. Je stond zowat te huilen op de stoep, Bjarne. Je wilde de politie bellen, de ME, de hele wereld. De man van de hardcore actie was nergens te bekennen. Je bent een pacifist die bang is voor een lekke band, laat staan voor een geweer in de loopgraven."

Bjarne keek naar zijn handen. Ze had hem klem. Zijn stoere praatjes over Hemingway waren inderdaad niet meer dan een slecht masker geweest. Hij had indruk op haar willen maken, haar intellectueel willen ontwapenen met een grote mond, maar Violette had hem met één herinnering weer gereduceerd tot die kwetsbare man van drie jaar geleden.
"Oké," gaf hij toe, terwijl hij het dubbelgevouwen viltje weer platstreek. "Je hebt gelijk. Ik haat geweren. En ik mis die fiets nog steeds."

Een korte, breekbare stilte viel tussen hen in, waarin het getik van de regen op de ruiten plotseling weer hoorbaar werd.

Add comment