1982 Taal van de zomer 36

 

Het mooie zonnige weer maakte plaats voor een wat koeler zomers weertype. In het bewolkte zomerweekend kwam Bjarne in de kroeg Gerard Vroeg tegen. Daags na de realistische droom waarin hij een pikante hoofdrol had vervuld. Hij kwam meteen naar Bjarne toe met zijn intelligente ogen en dunne James Dean trui.
Bjarne wist niet of hij medelijden met hem moest hebben of dat hij hem juist moest bewonderen om zijn artistieke vrijheid. Gerard Vroeg kende totaal geen verlegenheid . Het was duidelijk dat Bjarne op de een of andere manier belangrijk voor hem was.
Toen de energieke Maarten Wolvenknaap de Nachtraaf binnenkwam vroeg Gerard of Bjarne bij hem thuis nog een biertje wilde drinken. Het kwam onverwacht. Ze dronken samen een biertje in zijn kleine donkere kamer. Gerard liet Bjarne een muziekalbum van David Bowie horen. Toen Bjarne weg ging naar het huis van zijn geliefde hospita deed hij iets wat hij nog nooit had gedaan. Bjarne gaf Gerard Vroeg een kus op zijn voorhoofd. Bij wijze van vriendschap.

Emma was weer terug in haar herenhuis, waar Bjarne voor haar zwarte kater Frits zorgde.
Emma liet Bjarne een verrassende kant van zichzelf zien.
Ze was voor haar doen ontspannen en er ontpopte zich een prettig gesprek. Ze was enthousiast over een jonge schrijver uit Amsterdam.
Dat verbaasde Bjarne Gosse, want normaal gesproken had ze het alleen over de groten der aarde. De beroemde schrijvers uit de wereldliteratuur en andere bekende mensen uit de wereld van kunst en cultuur.
Bjarne had nooit eerder over deze jonge schrijver gehoord. Zijn naam was Alfons Bortano. Emma roemde zijn taalgebruik en de mooie beeldende zinnen uit zijn verhaal. Er was een boekje uitgegeven waarin de tien beste verhalen van de wedstrijd stonden. Bjarne Gosse kreeg het van Emma als presentje omdat hij zo goed voor de oude kater Frits zorgde en daar nooit over klaagde.

De regen viel met bakken uit de hemel. Een goed moment om het boekje te gaan lezen.

 

Bjarne Gosse had het zojuist gekregen boekje in zijn handen. Een lief cadeau van zijn geliefde hospita. Niemand begreep de kleine geneugten die Bjarne Gosse verzon wanneer hij zich eenzaam voelde door het versleten rugzakje dat hij uit zijn jeugd had meegenomen. Soms leek het alsof zijn hospita zijn gedachten kon lezen. Dat zij wel kon voelen wat hij nodig had.
“Bjarne, ik ga nog even naar de bloemenmarkt om verse gladiolen te kopen. Er is een nieuwe soort. Een bijzondere paarse kleur. Ik heb drie bossen apart laten zetten. Die ga ik nu ophalen. Ik ben zo weer terug! Ik neem de grote paraplu mee, zodat ik niet nat word.”

Bjarne maakte een knikkende beweging met zijn jeugdige hoofd. Hij zag dat ze zijn antwoord niet had afgewacht had en met haar rode leren jasje aan en de grote paraplu in haar handen uit de kamer was verdwenen.
Het was een dun boekje met tien korte verhalen. Het bekroonde verhaal als laatste verhaal.

Terwijl zijn hospita de zomerse regenbui trotseerde om gladiolen te kopen, genoot Bjarne van de stilte in het huis. Frits was buiten in de tuin. De televisie en de radio zwegen. Hij had het boekje in zijn handen.

“Waar de herten zich bevonden.” was de titel van het laatste verhaal.
Hij besloot het aandachtig te lezen. Er gebeurde eigenlijk niet veel. Een jongeman uit de grote stad was in een landelijk gebied verdwaald geraakt en kwam tijdens zijn omzwervingen een roedel herten tegen. Er was een nauwkeurige omschrijving van het landschap te lezen. Veelal vanuit een romantisch uitgangspunt. De zinnen vormden een beeld van wat de jongeman om zich heen zag.

Hij legde het boek even op zijn schoot en keek uit het raam, alsof hij de mistige weiden uit de tekst in zijn eigen kamer probeerde te projecteren. Toen las hij verder.

De jongeman in het verhaal bleef roerloos staan. De herten hieven synchroon hun koppen. Hun donkere, glanzende ogen fixeerden de indringer, maar in plaats van te vluchten, heerste er een serene rust. De auteur beschreef hoe de adem van de dieren als lichte flarden damp opsteeg in de vroege ochtendkou. Het landschap leek de ademhaling van de roedel over te nemen; het ritselen van de eikenbladeren en het zachte rimpelen van een nabijgelegen beekje vormden een achtergrondkoor. De grens tussen de stedeling en de wildernis vervaagde voor een kort moment. De jongeman deed een voorzichtige stap vooruit, alsof hij bang was de betovering van dit schilderachtige tafereel te verbreken.



Het werd Bjarne niet helemaal duidelijk waarom de schrijver dit wilde vertellen. Er kwamen geen spannende passages in voor. En toch was het ook niet vervelend om te lezen. Bjarne Gosse kon zich goed in de jongeman uit het verhaal verplaatsen. Het leek op het laatst of hij zelf ook echt die roedel herten zag.

De in zomerse kleren geklede Bjarne legde het boekje weer terug op de tafel. Hij zette de twee grote vazen voor de gladiolen klaar. Twee grote vazen met vers water.

 

Plotseling werd er aangebeld. Er stond een knappe jongeman voor de deur. Bjarne zag onmiddellijk dat het Arthur was. Hij zag er sexy uit in zijn zomerse kleren.

"Hoi Bjarne," zei Arthur met een brede glimlach, terwijl hij nonchalant tegen de deurpost leunde. Bjarne stond even met een mond vol tanden. "Arthur! Wat doe jij hier?" stamelde hij uit.

Arthur hield een kleine envelop vast en keek Bjarne veelzeggend aan. "We moeten praten," zei hij zacht.

De geur van zonnebrandcrème en de warme buitenlucht waaide met Arthur mee naar binnen. Zijn lichte linnen overhemd stond nonchalant open bij de kraag, wat Bjarnes blik onwillekeurig naar beneden trok.

Bjarne herpakte zich snel en deed een stap achteruit om hem binnen te laten. "Arthur! Wat een verrassing. Ik dacht dat je pas volgende week terug zou zijn van vakantie."

Arthur stapte de koele gang binnen. "Ik kon niet zo lang wachten," zei hij, terwijl hij zijn blik strak op Bjarne gericht hield.



Add comment